Mannen ouder dan 40 jaar die vezelrijk eten hebben minder kans op hartziekten. Voor elke 10 gram vezels die de mannen extra aten, werd de kans op sterfte aan hartziekten 17% lager. Dit blijkt uit een recent onderzoek van Wageningen Universiteit en het RIVM. Een volwassene heeft dagelijks 30 tot 40 gram vezels per dag nodig. De meeste mensen halen dit niet. Het gemiddelde ligt tussen de 20 en 25 gram per dag.

Vezelrijk eten verlaagt `slecht` cholesterol (LDL-cholesterolgehalte), waardoor mannen én vrouwen minder kans hebben op hart- en vaatziekten. Dit geldt vooral voor vezels uit graanproducten en fruit. Vezels zijn daarbij belangrijk voor de stoelgang en ze werken verzadigend, waardoor je minder snel trek krijgt. Ze helpen daarom overgewicht – een ander risico voor hart- en vaatziekten- te voorkomen.

Vezelrijke producten
Vezels zitten in peulvruchten, fruit, groente en volkoren producten. Met name linzen, bonen en spliterwten bevatten veel vezels. Zo bevat een soepkop met erwtensoep 10 gram vezels. Eet je dezelfde dag twee stuks fruit (6 g vezels)) en zes volkoren boterhammen (18 g vezels) en een schaaltje salade (1 g vezels), dan heb je voor die dag al voldoende vezels binnen.

Hoe eet je vezelrijk?
Eet ten minste 2 ons groente, 2 stuk fruit, circa 6 sneetjes volkorenbrood en 2 ons aardappelen/volkoren pasta of rijst/peulvruchten per dag. Variatie is daarbij belangrijk. Wissel aardappelen eens af met bijvoorbeeld linzen. Eet eens een schaaltje bessen (8 g vezels) in plaats van een `standaard` appel of sinaasappel.