Smulweb Blog

Je koekje bij de koffie

alles over kruiden

alles wat je altijd al over kruiden wilde weten De lekkerste combinaties van kruiden en spijzen

Basilicum

Salades (gemengde, kip); soep (minestrone, vis); vis en gevogelte; blank vlees; mediterrane groentes (aubergine); pastagerechten en mozzarella.

Onmisbaar in pesto en tomatengerechten.

Vers gebruiken, niet meekoken!

Bieslook

Salades (ei, aardappel); vis en gevogelte (kip); groente (aardappelgerechten); eieren (gevuld, omeletten); verse kaas; sauzen (warme sauzen, mayonaise, dipsausjes, vinaigrettes) en kruidenboter.

Onmisbaar in bietensalade.

Vers gebruiken, niet meekoken!

Bladselderij

Soepen, bouillons en sauzen.

Onmisbaar in erwtensoep.

Vers gebruiken, mee laten koken.

Bonenkruid

Vlees (gegrild lams- of rundvlees); verse of gedroogde peulvruchten en warme rijke sauzen.

Onmisbaar bij verse tuinbonen.

Vers of gedroogd gebruiken, kan worden meegekookt.

Dille

Salades (komkommer, bieten); soep (courgette, vis); vis (zalm); schaal- en schelpdieren; kip; eiergerechten; sauzen (vinaigrettes) en kruidenboter.

Onmisbaar in tzatziki, gravad lax en borsjtsj.

Vers gebruiken, eventueel kort mee verwarmen.

Dragon

Vis en gevogelte; groente (courgette); paddenstoelen en sauzen (vinaigrettes, dressings, mosterd, vleesmarinades). Onmisbaar in dragonazijn en bearnaisesaus.

Vers of gedroogd gebruiken. Verse dragon op het laatste moment toevoegen, gedroogd even mee laten koken.

Kervel

Salades (aardappel); soep (vis, spinazie); vis en schaal- en schelpdieren; blank vlees; groentes (wortel, courgette, spinazie); sauzen (vinaigrettes, warme romige sauzen, dipsausjes) en kruidenboter.

Onmisbaar in kervelsoep.

Vers gebruiken, tijdens het koken op het laatste moment toevoegen.

Koriander

Salades (wortel, tomaten, komkommer); soep (vis); vis en gevogelte; vlees; groentes en peulvruchten (in roerbakgerechten en Mexicaanse schotels); noedels, rijst, sauzen (tomaten, guacamole).

Onmisbaar in de Thaise keuken.

Verse blaadjes op het laatste moment toevoegen aan het gerecht.

Lavas of maggiplant

Bouillon; soepen; stoofschotels; eiergerechten; sauzen (vinaigrettes) en marinades.

Onmisbaar in groentebouillon.

Vers gebruiken, kan worden meegekookt.

Marjolein (of majoraan)

Soep (groente); rund- en varkensvlees (stoofschotels, worst, ragout), wintergroentes en peulvruchten (witte bonen, tomaten), pasta en sauzen (vinaigrette, tomaten).

Onmisbaar in de Italiaanse keuken.

Vers of gedroogd gebruiken, kan worden meegekookt.

Mint

Salades (fruit); soep (bonen); kip; lams- en varkensvlees (noord Afrikaanse keuken); groentes (spinazie, wortel); sauzen (zoete) en desserts.

Onmisbaar bij verse aardbeien en slagroom.

Vers gebruiken. De smaak verandert bij verhitting.

Oregano

Salade (avocado); soep (tomaten, minestrone, ui); vis en schaal- en schelpdieren; wild en gevogelte; rund- en varkensvlees (stoofschotels, gegrild), groentes en peulvruchten (linzen, tomaten), pasta en sauzen (vinaigrette, salsa).

Onmisbaar in de Italiaanse keuken.

Vers of gedroogd gebruiken, kan worden meegekookt.

Peterselie

(Bijna) overal lekker bij!

Onmisbaar bij worteltjes en pasta agli olio.

Vers gebruiken, voeg pas op het laatst toe aan het gerecht.

Rozemarijn

Soepen (maaltijdsoep); gevogelte (kalkoen); vlees (lam, varken, konijn); mediterrane groentes (ratatouille, aardappels) en sauzen (marinades).

Onmisbaar bij lamsvlees.

Vers of gedroogd gebruiken, kan worden meegekookt.

Salie

Wild en gevogelte; vlees (schapenvlees, worst, stoofschotels); kaasgerechten en sauzen (boter).

Overheersend van smaak, gebruik met mate.

Vers of gedroogd gebruiken, kan worden meegekookt.

Tijm

Soep (bieten, vis, bonen); vis en schaal- en schelpdieren; gevogelte; vlees (bijna alles), mediterrane groentes; pasta en sauzen (vinaigrette, mosterd, tomaten).

Onmisbaar in de Italiaanse keuken.

Vers of gedroogd gebruiken, kan worden meegekookt.

KRUIDEN OP JE VENSTERBANK

Het ideaal: een keuken met een grote tafel in het midden en openslaande deuren die leiden naar de tuin. Vlak bij de uitgang een kruidenperkje met alles wat je wenst: geurende basilicum en tijm, pittige lavas voor de soep en fijne dille die je naast de zalm op je bordje legt.

De realiteit: geen woonkeuken, geen openslaande deuren en geen kruidentuin. Dat betekent echter niet dat je de verse kruiden ook moet vergeten! In een potje op de vensterbank of het balkon kan het een en ander best gedijen.

Kruiden die zich snel ergens thuis voelen zijn peterselie en tijm. Vooral tijm heeft nog wel eens de neiging te snel te willen groeien en put de grond erg uit. Houd die maar apart in een potje. Bieslook en kervel zijn ook niet de moeilijkste. Alle vier houden ze van een licht en beschut plekje en zijn ze winterhard. In een potje bevriezen worteltjes wel eerder dan in de grond. Bij strenge vorst moet je ze dus binnen houden!

Basilicum, dille en koriander zijn ook erg lekker maar wat wispelturiger. Zo slaat basilicum de ene keer goed aan en eet je de hele zomer pesto uit eigen bak, de andere keer laten de plantjes het steeds afweten. Het is belangrijk om de plantjes sterk te laten worden voordat je ze buiten zet. Ze houden van warmte en beschutting. Dille geeft zelfs de voorkeur aan een plekje in de volle zon.

De sterkste plantjes krijg je door ze zelf op te kweken. En dat is nog eens heel leuk ook! Moeilijk is het niet. Je hebt alleen wat potaarde, bakjes tijd en aandacht en ? natuurlijk ? zaadjes nodig. Rond maart en april is het de beste tijd om je eigen kruidentuintje op te zetten. Je kunt de plantjes meteen in de pot opkweken. Gebruik niet te veel zaadjes, je kunt er van uit gaan dat uit ieder tweede zaadje een plantje opkomt! Strooi de zaadjes in kleine potjes of bakjes met aarde en zet ze op een warme lichte plek in de vensterbank. De ontkiemende zaadjes moeten goed vochtig worden gehouden, maar niet wegzwemmen. Een plantenspuit is daarvoor handiger dan een gieter. Houd het spulletje goed in de gaten en je zult zien dat die kleine opgroeiende plantjes je zo lief worden dat het haast zielig is om ze op te eten!

BASILICUM

In Nederland kennen we basilicum onder de naam 'koningskruid?. Dat is niet voor niets. Basilicum is afgeleid van het Griekse woord voor koning: 'basileus'. Het kruid mag gerust een van de toppers uit de mediterrane keuken worden genoemd. Hoewel we het gek genoeg nauwelijks in Griekse gerechten terugvinden, maar des temeer in Italiaanse lekkernijen. En daar smullen we ook in Nederland inmiddels graag van.

Basilicum is de basis voor pesto, met pijnboompitjes, parmezaanse kaas, knoflook en olijfolie, een van de gangmakers op de Italiaanse tafel. Samen met tomaat en mozzarella creeer je daarmee een heerlijke salade caprese. De combinatie van tomaat en basilicum is sowieso goud waard. Ook in sauzen en soepen is het lekker, mits je het niet laat meekoken! Dan verliest het koningskruid zijn smaak. Basilicum voelt zich in een heel andere keuken ook goed thuis: in Thaise gerechten kom je het vaak tegen. Wel is de Aziatische variant wat anders van smaak en steviger van structuur.

De groene blaadjes worden niet overal zo graag gegeten. In India vind je nauwelijks basilicum in de kookpot. Daar is het een heilige plant van de hindoegoden Vishnu en Krishna. Meer nog dan koninklijk, is hier de basilicum van goddelijke aard!

BIESLOOK

In de Hollandse keuken zijn we lang niet zo scheutig geweest met verse smaakmakers. In de potjes stonden vroeger zout, peper en de nootmuskaat. Voor de soep werden verse selderij en peterselie ingeslagen bij de groenteboer. Op een dag verschenen daar ook potjes met een soort gras er in. Gras dat naar ui smaakte, maar subtieler. Niet zo dominant als een rauwe ui en heerlijk door de salade, bij een tomaatje of wat verse kaas. Nederland ging om. De bieslook had zich een vast plekje verworven.

Het is geen toeval dat de bieslook een lichte uiensmaak heeft. Het zijn plantkundig gezien familieleden. Van de ui eten we, zoals bekend, de ondergrondse knol en van de bieslook de zonkant: de blaadjes ofwel het look. Bieslook betekent dan ook zoiets als look van de bies of look dat op een bies lijkt.

Wat een bies is? De naam van een plantenstengel waar ze vroeger vooral rieten ofwel ?biezen? stoelzittingen van maakten. Iets ?grasachtigs? dus. Dat zeggen de Zweden ook met hun "graslok".

BONENKRUID

Het bonenkruid heeft zijn naam niet mee. Je zou kunnen denken dat het alleen lekker is bij bonen! Terwijl het bonenkruid meer verdient dan dat. De smaak lijkt wat op tijm, maar is uitgesprokener en steviger. Bonenkruid zit vaak verstopt in kruidenmixjes als (gedroogde) Provencaalse kruiden en past goed in een bouquet garni ? een kruidenbundeltje om sausjes en soepen op smaak te brengen.

Experimenteer zelf met bonenkruid. Combineer het met champignons, aardappelen, gegrild lamsvlees of tomaatjes. Je zult zien dat bonenkruid weet te verrassen en meer waard is dan de naam doet vermoeden.

DRAGON

Dragon. Als je het woord op zijn Engels uitspreekt snap je waar het vandaan komt. Dragon stamt af van het Griekse woord voor draak: "drakon". Waarom de Grieken dit kruid deze naam gaven, is onbekend.

Sommigen beweren dat het iets te maken heeft met de wortels van de dragon die zich (net zoals de koppen van een draak?) snel vermeerderen en wijd vertakken. Anderen zeggen dat dragon gebruikt werd om de draken af te schrikken. Wie het weet, mag het zeggen. In ieder geval wordt ook in het Nederlands nog wel eens de naam ?drakenbloed? of ?slangenkruid? gebruikt.

Het zijn spannende namen voor een blaadje met een uitgesproken smaak: verfrissend met iets anijsachtigs erin. Vooral bij visgerechten doet dragon het goed, in de bearnaisesaus is het onmisbaar en iedereen heeft wel eens dragonazijn ?of mosterd gegeten. Het is wel een enorm verschil of je verse of droge dragon gebruikt. Aan de verse zit veel meer smaak?

In de huismiddeltjesapotheek worden blaadjes dragon aanbevolen als slaapmiddel en als hulp tegen slechte adem: ademfris als een draak. Zou daar die drakennaam vandaan komen?

KERVEL

Kervel hoort bij de lente als de kip bij het ei. Helaas is dit heerlijke kruid ook in het voorjaar niet altijd vers te krijgen. Wat des te spijtiger is omdat je kervel niet kunt drogen. Laat de kans dus niet lopen als je groenteboer dit voorjaar kervel heeft en verras vrienden of vijand eens met een simpele, overheerlijke kervelsoep.

De delicate, milde smaak van kervel zit tussen peterselie en anijs in, geen van beide kan echter tippen aan het verfijnde aroma van kervel. Dat gaat verloren bij verhitting, dus als je kervelsoep maakt, voeg dan de fijngehakte kervel pas op het allerlaatste moment toe. Heel simpel en succes verzekerd!

KORIANDER

Koriander is het Oosterse broertje van de peterselie. Uiterlijk hebben de twee wel iets van elkaar weg. Het gemak waarmee peterselie in de westerse keuken wordt gebruikt, geldt voor de koriander in het oosten. Vooral in Thailand, Vietnam en India is (verse) koriander een van de belangrijkste smaakmakers. In de Aziatische keuken gebruikt men niet alleen de blaadjes, maar ook de vruchtjes en zelfs de wortel van het plantje.

In ons landje is de verse koriander pas de laatste jaren gemeengoed geworden, vooral dankzij de populariteit van de Thaise keuken. Je moet het leren waarderen, zeggen veel Europeanen. Als je het eenmaal lekker vindt, ben je verloren. Dan eet je koriander in de roerbakgerechtjes, bij de vis, de kip of door de salade.

De Hollanders kenden uit de Indonesische keuken wel al ketoembar - de gemalen gedroogde zaadjes van de plant. De smaak hiervan lijkt nauwelijks op het frisse, citroenachtige aroma van de groene korianderblaadjes.

De gedroogde zaden zijn ook een belangrijk deel van het kruidenmengsel uit India dat we onder de naam kerrie kennen.

MARJOLEIN/MAJORAAN

Marjolein en majoraan zijn twee namen voor hetzelfde plantje. In het antieke Rome kende men lustopwekkende kwaliteiten aan dit kruid toe. Waarschijnlijk berust deze illusie op de oorspronkelijke Griekse naam "amarakos" dat zoveel betekent als het hebben van een duistere oorsprong. Het Griekse amar leek een beetje op het Latijnse amor (liefde), vandaar.

Hoewel deze liefdeskwaliteiten van het kruid nooit hard gemaakt zijn, is marjolein in de keuken wel populair geworden. Marjolein heeft een uitgesproken aroma en wordt net zoals tijm heel veel gebruikt in de voedingsindustrie. In Duitsland kent men marjolein zelfs onder de naam "worstenkruid". Je snap dan wel waar het in terecht komt. Marjolein is dus erg lekker bij lever en vleesragouts. Maar ook in groentegerechten, met name bij winterse groente als kool en peulvruchten, doet ze het goed!

PETERSELIE

Er zijn wel meer dan dertig eetbare soorten peterselie. In vele soorten en maten. Grote blaadjes, kleine blaadjes, gladde of gekrulde varianten, plantjes van 15 cm tot 60 cm hoogte. Met name de krulpeterselie was jarenlang het garneermiddel bij uitstek. Je zou de koks de kost moeten geven die meenden ieder gerechtje op te moeten leuken met een toefje peterselie. Die tijden zijn gelukkig voorbij.

Feit is dat peterselie zich makkelijk aanpast bij tal van koude en warme gerechten. Het is lekker bij soep, saus, vis, eiergerechten, vlees, kip of groenten. En je kunt peterselie het hele jaar door makkelijk krijgen. De platte soort heeft een wat intensere smaak. Net zoals bij de meeste kruiden geldt ook voor de peterselie dat je het beter niet kunt meekoken. Dan gaat veel van de smaak verloren.

ROZEMARIJN

Rozemarijn is afgeleid van het Latijnse ros marinus, dat letterlijk dauw van de zee betekent. Niet gek voor een plantje dat vooral langs de kusten van de Middellandse Zee groeit. De prachtige donkerblauwe bloemtrossen van het bloeiende kruid dankt de rozemarijn volgens de legende aan Maria. Zij had haar mantel te drogen gelegd op de witte bloemetjes van de rozemarijn. Toen ze haar kleed weg haalde kleurden de bloemetjes blauw.

De bloemetjes waren lange tijd een symbool voor trouw. Vandaar dat een bruid een bruidstooi kreeg, gemaakt van de bloemen van de rozemarijn. Ook was het gebruikelijk om elkaar op nieuwjaarsdag een boeketje rozemarijn te geven. In dit geval zou rozemarijn de mensen beschermen tegen tegenspoed.

Tegenwoordig wordt rozemarijn vooral als smaakmaker in de keuken gebruikt. Het is heerlijk in marinades van lams- en varkensvlees, in stoofschotels en past goed bij mediterrane gerechten. Daarnaast wordt rozemarijn verwerkt om parfums van te maken.

TIJM

Hoor al die verschillende namen eens: citroentijm, wollige tijm, breedbladige tijm en wilde tijm. Er zijn wel 100 verschillende soorten tijmplanten.

De poetische tijmen komen meestal niet op de keukenplank terecht. Daar beperken we ons overwegend tot de Thymus Vulgaris, de gewone tijm. Maar de smaak zou menig dichter het hoofd op hol kunnen brengen. Tijm is immers een heel geurig kruid met vele kanten. Het past bij veel gerechten. Een topper is een dressing met honing en tijm die heerlijk smaakt bij warme geitenkaas of lamsvlees gemarineerd met knoflook en tijm. Ook in het bouquet garni zit tijm verstopt.

BEWAREN VAN KRUIDEN

De meeste kruiden zijn vers veel en veel lekkerder dan gedroogd. Een bloeiende, groeiende kruidentuin is echter voor weinigen weggelegd. We moeten het doen met een paar potjes in de vensterbank en zo nu en dan een takje uit de supermarkt. Hoe kun je toch je eigen voorraadje aanleggen?

Als je ze snel weer gaat gebruiken dan overleven de meeste kruiden het zeker een week in de koelkast. Het beste kun je ze dan in een vochtige doek of stuk keukenpapier wikkelen.

Wil je de kruiden wat langer bewaren? Vries ze dan in. Was de kruiden eerst en schud ze goed droog. In een gesloten plastic zakje of folie kun je ze in het vriesvak zo enkele maanden goed houden. Voor het gemak kun je de meeste kruiden eerst fijnhakken. Alleen basilicum verliest daardoor smaak.

Voor de gemakzuchtige onder ons: ook in de diepvries van de supermarkt vind je diepgevroren kruidenmengsels die je op elk moment kunt gebruiken.

Een andere bewaaroptie is om de kruiden fijngesneden op olie te bewaren. Het beste gebruik je hiervoor olijfolie extra vergine. Ook zo blijven ze lang goed en smaakvol.

Home Recepten