Japan

Over de Japanse keuken, maar ook over gebruiken e.d.
De Japanse keuken is zowel een lust voor het oog als een streling voor de tong.
De gerechten worden fraai gepresenteerd en er worden alleen verse ingredienten gebruikt.
De Japanse keuken gebruikt weinig specerijen.
Koks laten liever de natuurlijke smaak van de afzonderlijke ingredienten tot hun recht komen.
De karakteristieke smaak van Japans eten is afkomstig van dashi, een bouillon van gedroogde vis en zeewier,
de rijstwijnen mirin en sake en de drie sojabonenproducten miso, tofu en Japanse sojasaus.Japan heeft de naam een duur land te zijn om te eten. Dat klopt ook wel gedeeltelijk, bv. een goede biefstuk of bekende Japanse gerechten als sashimi en shabu-shabu zijn inderdaad duur. Maar mocht je ooit in Japan komen ga dan naar de kleinere restaurants om te eten. De plaatselijke rijstgerechten zijn zeer betaalbaar en uiterst lekker. Verder zijn er in Japan ook veel buitenlandse restaurants waar het eten ook betaalbaar is. Uiteraard zijn er ook nog de fast food restaurants.

Een maaltijd bestellen in Japan is eenvoudig. Japanse restaurants kennen een etalage, waar de meeste gerechten tentoongesteld liggen. Meestal staan ook de prijzen er bij, zodat op die manier een keuze te maken is. Ook hebben de meeste menukaarten afbeeldingen van de gerechten.

Een typisch Japanse maaltijd bestaat uit rijst, groenten, miso-soep, pickles en vis of vlees. Voor het kruiden wordt gewoonlijk soja-saus (Shoyu) gebruikt, en bij rijst wordt vaak gedroogd zeewier (Nori) gegeten. Zeewier is lekker en ook erg gezond!

Bekende gerechten zijn verder Sashimi; dunne schijfjes rauwe vis met hete mierikswortelpasta (Wasabi), en Sushi; schijfjes rauwe vis op of in reepjes licht met azijn besprenkelde rijst. Het klinkt misschien eenvoudig, maar het kost vele jaren van opleiding om een goede kok te worden.

Tempura is gefrituurde zeevis en groenten, een gerecht dat in de 16e eeuw door Portugese handelaars in Japan werd geintroduceerd. Tot 100 jaar geleden aten Japanners geen vlees, maar nu zijn er veel gerechten met kip, varkensvlees of rundvlees. Zo is Japanse Sateh (Yakitori) erg populair, en ook Sukiyaki, rundvlees gekookt met groenten en Tofu in een pot op tafel, is een geliefd gerecht.

Ook noedels (Soba, Udon) zijn in Japan erg populair, en worden vaak in plaats van rijst gegeten, opgediend in een diepe kom hete soep met groenten, vlees of vis.

De meest geliefde drank is Groene thee (o-Cha). Natuurlijk kan men ook andere dranken krijgen maar bijv. koffie is over het algemeen vrij duur, ? 2,- tot ? 4,- per kopje is redelijk normaal.

Japanners eten gewoonlijk met stokjes (hashi). De tafel wordt gedekt met de rijstkom links en de soepkom rechts. De eetstokjes worden daar horizontaal voor gelegd. De stokjes hou je in de rechterhand, en met je linkerhand til je je soep- of rijstkom op. Voor de maaltijd zeg je; “Itadakimasu”, en na de maaltijd zegt men “Gochiso-sama deshita”, als dank voor het eten.

De Japanners zijn erg gevoelig voor de vergankelijkheid van schoonheid. Dit is ook de reden dat men gevoelig is voor de seizoenswisselingen en een bijzondere band heeft met de natuur. Dat ziet men ook terug in de Japanse keuken. De Japanse keuken uit zich vooral in de wijze waarop gerechten geserveerd worden. Een kok in een restaurant, maar ook iemand thuis, zal van elke maaltijd een kunstwerk proberen te maken. Zo kan men bijv. de seizoenen in de gerechten op het bord uitgebeeld zien, waarbij het dan ook zaak is om de juiste seizoensgerechten te gebruiken. Ook het serviesgoed en eigenlijk de hele entourage wordt hierop afgestemd. Er is een gezegde dat de Chinees met de tong eet en de Japanner met de ogen. Zoals bekend is de menukaart van de Japanner verschillend van de Europese en zelfs van de Chinese. Omdat men heel lang in Japan geen vlees heeft gegeten (slachten van dieren deed men niet), zijn vooral rijst en vis de hoofdingredienten.

Zo langzamerhand, mede door de komst van Japanse restaurants, raken sommige Japanse gerechten hier wat meer bekend. Zo kent men in Nederland al een groot aantal Japanse restaurants en sushi-bars.

Veel gebruikte ingredienten zijn: Japanse rijst, sojasaus, Japanse mierikswortel (wasabi), vellen zeewier (nori), tofu (gemaakt van sojabonen) en gember (gari). Bij het eten krijgt men een klein kommetje waarin de sojasaus gedaan wordt. Hierin lost men een klein beetje wasabi op. De gerechten, zoals sushi en sashimi (rauwe vis), doopt men in deze wasabi-sojasaus als in een dipsaus, hetgeen de typische vissmaak een beetje neutraliseert. Sojasaus wordt eigenlijk bij de meeste gerechten gebruikt en is een wezenlijk onderdeel van de Japanse keuken.
De speciale ingemaakte gember is heerlijk bij deze gerechten en geeft meteen een frisse smaak. De Japanse rijst is kleverig en daarom zeer geschikt voor het maken van sushi.
V.w.b. vis eet men: tonijn, kabeljauw, forel, krab, makreel, inktvis, oester, zalm, zeebaars, zeebrasem, tong, pijlinktvis en de zeer populaire garnaal.
Het mag als bekend worden verondersteld dat de Japanner met stokjes (hashi) eet. Tegenwoordig wordt voor de soep nog wel eens een lepel gebruikt. Anders wordt deze gewoon gedronken met de benodige slurpgeluiden. Dit slurpen bevordert de zuurstofopname waardoor de smaak verbetert.

De menukaart van een gemiddeld Japans gezin ziet er natuurlijk anders uit dan die van bijv. een Nederlands gezin. Zo heeft men meestal een traditioneel Japans ontbijt: gestoomde of gestoofde groente, gekookte rijst, vaak voorzien van een rauw ei en misosoep (vaak met tofu)..
De lunch kan bestaan uit de chirashi zushi (zie onder bij sushi) en ingelegde groenten. Ook wordt wel een bento (lunch doos) gebruikt. Dit is een doos waarin gekookte rijst, augurk, vis of vlees. Deze bento zijn op overal te koop, ook bijv. in theaters, en zijn meestal mooie dozen en zijn heel specifiek voor bepaalde streken. Vergelijkbaar zijn de ekiben. Deze zijn in de treinen en op de stations te koop.
Als diner heeft men vaak rijstgerechten, maar ook gerechten als teriyaki of visgerechten met gekookte rijst, soep en natuurlijk groene thee.

Bij het eten wordt niet de volgorde aangehouden zoals wij die kennen. Soep bijv. wordt vaak aan het eind gegeten maar kan tijdens de hele maaltijd genuttigd worden. Alle gerechten worden bij het begin al neergezet zodat alles door elkaar gegeten kan worden.Japan heet in het Japans ‘Nihon’ of ‘Nippon’, hetgeen ‘de oorsprong van de zon’ betekent. ‘Ni’ betekent ‘zon’ en ‘hon’ betekent ‘oorsprong’. Nippon is een alternatieve uitspraak van Nihon. De uitgebreide naam is ‘nippon koku’, waarin ‘koku’ ‘land’ betekent vandaar dat men spreekt over: ‘land van de oorsprong van de zon’ of ‘het land van de rijzende zon’.

Japan telt over een lengte van 4.000km bijna 4.000 eilanden, waarvan er vier de grootste en belangrijkste zijn: Honshu (het hoofdeiland met steden als Tokyo, Kyoto, Osaka, Kobe en Hiroshima), Hokkaido in het noorden (met Sapporo), Kyushu in het westen (met Oita, Herado, Nagasaki en Fukuoka) en Shikoku, het grote eiland zuidelijk van Hiroshima (met Takamatsu, Matsuyama en Kochi). Shikoku en Honshu zijn van elkaar gescheiden door de Setonaikai (de Japanse Binnenzee).

De totale oppervlakte van Japan bedraagt ong. 377.800 km?, voor 120 miljoen inwoners. Dit levert een bevolkingsdichtheid van rond de 330 personen per vierkante kilometer. Dit is vergelijkbaar met Nederland en Belgie maar in werkelijkheid ligt dit getal in sommige streken van Japan veel hoger omdat 80% van het land onbewoonbaar is door bergen en bergachtig terrein. Veel mensen wonen in grote steden als Osaka, Nagoya en Tokyo. In Tokyo woont maar liefst een tiende van de totale bevolking of 12 miljoen inwoners.

Niiagata ligt in de Chubu Regio in het Noordwesten van Japan. De Chubu Regio telt 9 prefecturen waarvan voor koiliefhebbers de Niiagata prefectuur de allerbelangrijkste is. De hoofdstad van de Niiagata prefectuur is Niiagata City, welke ook wel eens de ‘Water City Niiagata’ wordt genoemd.

Sinds de 7de eeuw was Japan verdeeld in ongeveer 60 provincies. Maar in 1871 werden alle feodale domeinen officieel opgeheven en werd Japan opnieuw opgedeeld, nu in prefecturen. De eilanden, met uitzondering van Hokkaido welke in zijn geheel een prefectuur is, zijn opgedeeld in 47 prefecturen, vergelijkbaar met onze provincies. Deze prefecturen krijgen het achtervoegsel -ken. Men spreekt dan over; Hiroshima-ken. Kyoto en Osaka krijgen als grootstedelijke prefectuur het achtervoegsel -fu, dus Osaka-fu en Tokyo krijgt als enige het achtervoegsel -to, dus Tokyo-to.

De hoofdstad van Japan.
Japan heeft in zijn vroege historie lange tijd geen vaste hoofdstad gehad. In de vroege perioden waren er slechts clans met ieder een eigen clanhoofd. Later waren er koninkrijkjes, zoals het koninkrijk Wa. Nieuwe keizers bouwden steeds nieuwe paleizen op een plek die hen het beste uitkwam. Vanuit het volksgeloof, shinto, was immers alles wat met de dood te maken had onrein en als gevolg daarvan kon een nieuwe keizer niet in het paleis van een gestorven voorganger resideren.

Kyoto is van ongveer 600 tot 1869 hoofdstad gebleven. Hoewel Kyoto al die tijd de hoofdstad was geweest, was Edo, als zetel van het Tokugawa shogunaat, een van de belangrijkste steden van Japan geworden. In september 1868 werd, als een van de gevolgen van de Meijirestauratie, de naam Edo veranderd in Tokyo, de oostelijke hoofdstad en op 26 maart 1869 verhuisden de keizer en de regering naar Tokyo. Van toen af was Tokyo de nieuwe hoofdstad.

Het klimaat.
Japan is een zeer lang land en strekt zich grosso modo uit van de 31? tot 45? NB, met Okinawa nog veel zuidelijker. Het gevolg van deze uitgestrektheid is dat Japan een grote verscheidenheid aan klimaatsoorten kent, door de NW luchtstromen vanaf het vasteland van Azie in de winter, en door de ZO luchtstromen vanaf de Stille Oceaan, in de zomer. De temperaturen zijn erg afhankelijk van het gebied. Over het algemeen zijn de winters mild maar Hokkaido kent lange en strenge winters met sneeuw en vorst maar kent geen regenperiode. Tokyo kent ook een milde winter, vaak erg droog maar de zomer is erg vochtig en warm, met veel regen. In september wordt het land regelmatig getroffen door orkanen. Het meest aantrekkelijke weertype vindt men tijdens het voorjaar en het najaar. Japan is dan ook op z’n mooist.Het is algemeen geweten dat er in Japan nogal wat gedragsregels gelden. De gemiddelde Japanner leeft volgens vrij strakke normen en waarden. De Japanner verwacht echter niet van een buitenlander (gaijin) dat hij/zij zich precies aan deze gedragsregels zal houden. Dit geeft de buitenlander wel een aantal vrijheden en vaak zorgt dit voor een ongedwongen sfeer. Het is wel van belang om een aantal basisregels goed te kennen en zich ook volgens deze regel te gedragen, omdat men anders de Japanner behoorlijk in verlegenheid kan brengen.

  • Japanners begroeten elkaar door het maken van een buiging, buig niet te diep want dit duid op onderdanigheid.
  • Blijf op voldoende afstand als je met een Japanner praat en raak hem niet aan. Hij stelt fysiek contact niet op prijs.
  • Als je spreekt, hou je armen dan omlaag. Japanners houden er niet van dat je wilde gebaren maakt.
  • Doe bij het betreden van een ryokan, minshuku, tempel of een prive huis de schoenen uit. Men komt meestal via een halletje (genkan) binnen, waar men de schoenen uit doet en vervangt door slippers (draag in Japan dus altijd sokken waarin u mag gezien worden).
  • In een ryokan, minshuku of een Japanse kamer in een prive huis en vaak ook in tempels liggen tatamimatten op de vloer. Deze matten mag men ook niet met de slippers betreden, dit mag uitsluitend op sokken of met blote voeten.
  • Een ryokan (hotel) heeft over het algemeen een gemeenschappelijk (Japans) toilet, een hurktoilet. Voor het toilet doet men de gewone slippers uit en verwisselt die voor meestal rode toiletslippers die daar speciaal voor staan (zorg dat je je eigen slippers bij hebt want Japanners hebben al eens last van Hong-Kong-schimmel). Staan de slippers niet voor de deur dan is het toilet bezet.
  • Op de kamer in een hotel liggen meestal yukata’s klaar voor de gasten. Deze kan men aan doen om relaxed in rond te lopen. Het is normaal dat men de yukata aanhoudt in het hotel en zelfs er mee op straat loopt. Dit is overigens meer het geval in kleine plaatsen, zoals in kuuroorden.
  • Het Japanse hete bad is meer bedoeld om heerlijk te ontspannen en het is juist de bedoeling dat men al schoon is bij het in het bad stappen. De vertaling “bad” voor het woord “furo” is dan ook eigenlijk niet juist omdat het niet overeenkomt met ons begrip “bad”. Het is ten strengste verboden koud water bij te laten lopen.
  • Het geven van fooien, zoals in hotels, taxi’s e.d., is absoluut niet gebruikelijk en kan zelfs als beledigend worden ervaren.
  • Wordt u uitgenodigd voor een diner (dit is dan meestal zakelijk) dan hoeft u de rekening niet te betalen. Gaat u samen met Japanse vrienden uit eten dan is het gebruikelijk om de rekening samen te betalen. Over het algemeen is men in Japan heel eerlijk. Het natellen van geld dat men terug krijgt in een winkel wordt een beetje gezien als wantrouwen.
  • Voor de zakenman is het uiterst belangrijk dat hij een visitekaartje (meishi, spreek uit: meesjie) heeft. Zonder een visitekaartje wordt hij niet serieus genomen. Overhandig de meishi zodanig dat de ontvanger direct uw naam kan lezen en doe dat met twee handen. Het ontvangende kaartje dient ook met twee handen te worden aangepakt. Bestudeer het kaartje en leg het, als u gaat zitten, voor u neer. Schrijf er nooit op. Uw visitekaartje is voor de Japanner heel belangrijk. Bewaar uw visitekaartjes in een borstzak. Het wordt als incorrect beschouwd om een visitekaartje uit de achterzak van de broek te halen.
  • Bij het eten is het gebruikelijk dat men elkaars glas bijvult. Dus niet het eigen glas bijvullen zoals wij dat doen, maar alleen het glas van de gastheer bijvullen en hij vult dan het glas van de gast. Zij waarderen dat zeer als de gast dat uit eigen beweging doet bij zijn gastheer.
  • Japannners zijn niet gewend om een direct ‘nee’ te zeggen. Als men op een voorstel weifelend reageert met de woorden ‘tabun’ (misschien) dan is dit een verkapt ‘nee’.
  • Als iemand een voorstel doet en een Japanner stemt er mee in, betekent dit nog niet dat hij akkoord is. De instemming betekent alleen dat men het begrepen heeft. De Japanner kan heel enthousiast ja knikken maar iets achteraf toch afkeuren.
  • In een (telefoon)gesprek is het belangrijk om te laten weten dat u luistert door veel “yes” of “hai” (ja) te zeggen en te knikken. Dit ja-zeggen betekent helemaal niet dat men het er mee eens is.
  • Voor het starten van nieuwe zakelijke contacten is het zeer verstandig om u te laten introduceren door een gemeenschappelijke kennis. Het op eigen initiatief contact leggen geeft u een grote achterstand.
  • Kent u al mensen in Japan en gaat u die weer bezoeken, of gaat u bij iemand op een privebezoek, dan is het gebruikelijk om een klein presentje mee te nemen. Dat kan iets klein zijn; een doos pralines of een fles jonge jenever.
  • Het wordt als zwak gezien als men zijn gevoelens uit, dus boosheid tonen is niet verstandig. Men is zeer bedreven in het intuitief aanvoelen van de ander.
  • De eetstokjes (hashi) rusten met de punt op een legger (hashioki). Ze liggen evenwijdig aan de tafelrand met de punten naar links. Leg tijdens een etenspauze of als je wil drinken de stokjes weer op de legger.
  • Tijdens het eten van noedelsoep is het volkomen normaal om slurpachtige geluiden te maken.
  • Voordat men met de maaltijd begint zegt men: ‘Itadakimasu’, net als wij ‘eet smakelijk’ (uitspraak: ietadakiemas).
  • Prik nooit met de stokjes in de gerechten om ze zo op te eten. Zet de stokjes nooit verticaal in de rijstkom. Zo wordt namelijk voedsel geofferd aan de voorouders.
  • Gebruik de stokjes niet om schotels te verschuiven en wijs niet met de stokjes naar de verschillende gerechten bij het beslissen welk gerecht u zult nemen.
  • Snuit je neus nooit in een zakdoek, die dient alleen om je voorhoofd mee af te vegen. De neus snuiten of niezen is zeker aan tafel een taboe. Moet het toch gebeuren, draai in ieder geval uw hoofd om. Nog beter is het om even het vertrek te verlaten.
  • Na het eten zegt men: ‘gochisosama’ (uitspraak: gotsjiesoosama, met ‘g’ als in garden). Betekent ongeveer: bedankt voor het eten.

Door strenge ‘leef’ regels in Japan zijn er bepaalde zaken ontstaan die heel kenmerkend zijn voor de Japanse samenleving. Hier een aantal:

  • De Japanse samenleving functioneert volgens strakke regels van normen en waarden. De strakke regels en normen in Japan hebben te maken met het functioneren van de ‘groep’ en met de Aziatische volksaard, de schaamtecultuur. In deze schaamtecultuur is het absoluut ‘verboden’ om iemand gezichtsverlies te laten lijden. Men raakt in paniek, wordt boos of trekt zich terug als er gezichtsverlies geleden wordt. Dit kan al gebeuren door iemand bijv. niet de nodige eerbied te betonen. De reactie hierop kan dan namelijk niet volgens de bekende patronen plaatsvinden en er wordt creativiteit vereist om hier op een goede wijze uit te komen en creativiteit is nu juist iets dat men niet heeft geleerd.
  • In Japan wordt ‘de groep’ en het behoren bij een groep als zeer belangrijk gezien. Alles waar men deel van uit maakt kan een groep zijn. De kleinste en eerste groep is het gezin. Van het gezin is de moeder de spil waar alles om draait. Vader is naar buiten toe het hoofd maar moeder bepaalt in feite de gang van zaken binnen het gezin en met name de opvoeding van de kinderen. Voor hem is de ‘groep’ collega’s zeer belangrijk. Hierdoor heeft de vader weinig bemoeienissen met de kinderen en hun opvoeding en neemt de moeder een zeer belangrijke plaats in in het leven van de kinderen, bepaalt de opvoeding en blijft een belangrijke figuur, ook als de kinderen ouder zijn. Niet alleen is zij de opvoedster, zij verwent (in onze ogen) de kinderen in hoge mate, zeker als het kind een jongen betreft en nog meer als het de oudste jongen betreft.
  • In een typisch Japans huis of woning, zoals die nu nog wel op het platteland te vinden is, maar ook nog in grote delen van de steden, liggen nog tatamimatten op de vloer. In de woonkamer staat op een centrale plaats een laag tafeltje (kotatsu). Eigenlijk is het een houten frame met 4 poten. Daar gaat een dik deken overheen en daarboven op wordt een blad neergelegd. Het gezin kan aan het tafeltje zitten met de benen onder het deken. Het is een belangrijke plek in het huis omdat men hier veel gezamenlijk aanzit. Ook in dit soort woningen heeft men allang moderne westerse tafels en stoelen maar het gebruik van de kotatsu blijft in zwang.
  • De meeste straten in Japan hebben geen straatnaam. Slechts in de grote steden hebben de grote straten een naam, dus kan in het algemeen voor adressering geen straatnaam gebruikt worden. Men deelt een plaats of stad in steeds kleinere gebieden. Men begint bij de plaats of stad, bijv. Tokyo en een dergelijke grote stad wordt onderverdeeld in grote deelsteden die ‘ku’ worden genoemd (spreekuit: koe). Elke ‘ku’ wordt weerd onderverdeeld in kleinere steden, die ‘machi’ worden genoemd. Elke ‘machi’ wordt weer onderverdeeld in 2 tot 8 wijken, ‘chome’. Deze ‘chome’ worden uiteindelijk weer opgedeeld in blokken, de huizenblokken, die ‘banchi’ heten. Dit kunnen tot zo’n 60 ‘banchi’ per ‘chome’ zijn. De meeste huizen hebben een huisnummer, de ‘go’. Bij kleinere plaatsen wordt ook nog de prefectuur (provincie) genoemd.
  • In veel Aziatische landen kent men de lotsbestemming, denk bijv. aan het, eveneens bij ons bekende, begrip ‘karma’. Ook in Japan kent men dit en in een Shintotempel probeert men dit bijv. gunstig te laten verlopen door te bidden tot de kami voor een gunst. Natuurlijk wil men ook graag weten wat de toekomst zal brengen en erg populair is het kopen van ‘voorspellingsbriefje’ (omikuji). Dit doet men door uit een grote hoeveelheid bamboestokjes, elk met een voorspellingsbriefje, een stokje te kiezen. Na het lezen worden deze briefjes in de takken van de bomen op het tempelterrein geknoopt om ze door de goden te laten lezen. Bij de tempels ziet men soms duizenden van deze briefjes in de struiken hangen.
  • De dagen in een jaar worden in de agenda’s aangegeven als geluks- of ongeluksdagen en de gemiddelde Japanner houdt hier wel degelijk rekening mee. Trouwdata of andere belangrijke data worden hier op afgestemd. Zo zijn er ‘tai-an’ dagen, die gunstig zijn voor een huwelijk. De ‘butsumetsu’dag brengt ongeluk maar is juist weer gunstig voor een begrafenis. Op ‘butsumetsu’ dagen is trouwen heel goedkoop maar desondanks vinden er nauwelijks huwelijken plaats. Men slaapt over het algemeen nooit met het hoofd naar het noorden. Dit brengt ongeluk want zo wordt men begraven. De noordoostelijke richting wordt als ongunstig ervaren want het is de richting waaruit de duivelse geesten komen en ook weer weggaan. Een huis zal nooit met deur in die richting gebouwd worden. Ook vroeger bouwden men de steden het liefst met bergen in het noorden en noordoosten en met de ingang naar het zuiden.

Kinkaku-ji of het Gouden PalviljoenJapan heeft honderden interessante en bezienswaardige plaatsen. Zoals burchten, boeddhistische of shinto-tempels, prachtige tuinen en bijzondere landschappen, al of niet met een religieuze achtergrond. Er wordt en werd veel met hout gewerkt daarom ziet men veel oude houten tempels. Soms zijn ze nog origineel, soms zijn ze verwoest in de loop d’r eeuwen, hetzij door oorlog, hetzij door brand of ander natuurgeweld maar veel is dan weer hersteld. Soms wordt een tempel afgebroken om weer opnieuw opnieuw opgebouwd te worden, zoals in Ise. Daar wordt een van de belangrijkste shinto tempels van Japan elke twintig jaar afgebroken en ernaast weer opnieuw opgebouwd. Omdat shinto en het boeddhisme nog praktisch beleden worden zien de meeste tempels er nog goed onderhouden uit en terwijl ze ook meestal vrij toegankelijk zijn.

Kyoto.
Als eerste en tevens ook als meest bekende cultuur historische stad beginnen we met Kyoto. Kyoto werd in 794 gesticht als nieuwe hoofdstad door keizer Kanmu als Heiankyo (hoofdstad van de vrede) en had rond 820 al een half miljoen inwoners (tegenwoordig ong. 1,5 miljoen). Het is tot 1868 de hoofdstad van Japan geweest (hoewel het machtscentrum in de tijd van de sho guns vaak elders was). In 1869 werd Tokyo (voormalig Edo) hoofdstad.

Mede omdat Kyoto door de geallieerden in de tweede wereldoorlog is gespaard, zijn er nog zeer veel oude bezienswaardigheden. Op bovenstaand kaartje wordt een aantal aangegeven maar er zijn er nog veel meer. Er zijn zo’n 2000 tempels (Boeddhistisch en Shinto), een aantal paleizen en tientallen tuinen. Hoewel het niet mogelijk is om alles te bezoeken is het wel aan te raden veel tijd (minimum een week) uit te trekken voor uw bezoek aan Kyoto. Natuurlijk kan men ook volstaan met een paar dagen en alleen de bekendste tempels bezoeken maar dan mist men toch wel een hoop, ook al omdat Nara, eveneens een oude hoofdstad vlakbij Kyoto, ook minimaal een dag kost.

De Kiyomizu Dera tempel of Zuiver Water Tempel is in de laatste 1200 jaar dikwijls platgebrand en terug opgebouwd. De huidige situatie dateert uit de 15de eeuw. Het prachtige terras verzekerd u van een prachtig uitzicht op de stad Kyoto.

Het Heian Schrijn is opgericht in 1892 als een verkleinde versie van Daigoku-den, de origenele hoofdstad van 794, ter ere van de 1.100ste verjaardag van het ontstaan van de stad. De Heian tuin is echt de moeite van het bezoeken waard; in de lente met de kersenbloesems en de azalea’s; in de zomer zijn het de irissen en de waterlelies die voor prachtige kleurenpracht zorgen.

Ginkaku-jiHet Zilveren Paviljoen of Ginkaku-ji werd opgericht door Shogun Ashikaga Yoshimasa (1436-90). Het staat naar het oosten gericht om te ontvluchten aan de realiteit en miserie van de bevolking van Kyoto tijdens een eeuw van voortdurende gevechten. Togu-do; een van de twee gebouwen dateert nog vanuit de tijd van Yoshimasa.

De Tenryu Tempel is de hoofdtempel van Rinzaishu (Zen sect of Buddhism) Tenryu Temple group. De tuin achter de tempel is ontworpen door Musokokushi. Een prachtige tuin in Japanse stijl met vijver en vele kleine tempels omsloten door lange witte muren.

De Kinkaku-ji of het Gouden Paviljoen is gebouwd door Shogun Ashikaga Yoshimitsu (1358-1408). Nadat de shogun Ashigaka Yoshimitsu zich in 1394 als monnik terugtrok; ging hij hier wonen en maakte er een adembenemende plaats van, mede door de schitterende tuin, die overigens nu nog steeds zo te bewonderen is. Hij had bepaald dat het na zijn dood (in 1408) een boeddhistische zentempel moest worden. De begane grond is in Shinden-zukuri-stijl (een soort paleisstijl), de eerste verdieping is in de Buke-zukuri-stijl (stijl voor samoerai huizen uit Kamakuratijd) en de tweede verdieping is in de Karayo of Zen-tempel-stijl. Het dak is in de Hogyo-stijl. Kikaku-ji werd in 1950 door een leerling priester in brand gestoken omdat hij het eigenlijk te mooi vond. Het werd in 1955 weer herbouwd en volgens sommigen nu met teveel bladgoud bedekt. De vijver heet Kyoko-chi, hetgeen spiegelvijver betekent. Bovenop het dak een feniks, de vogel die herrijst uit z’n as, zeker symbolisch, gezien de brand in 1950.

De Inko TempleDe Inko Temple, uit de Rinzaishu Nanzen Tempel groep is momenteel een nonnenklooster maar het is eigenlijk oorspronkelijk gebouwd als school in Fushimi door Tokugawa Ieyasu. Later werd de Inko Tempel verplaatst naar zijn huidige plaats. In de tempel worden nog steeds de originele oudste houten boeken bewaard en andere kleine schatten.

Samen met de Matsuo Taisha en Kamosha, is de Fushimiinari Schrijn een van de oudsten in Kyoto. Het is het hoofd van de Inari Schrijnen in Japan en er wordt beweerd dat dit de beste plek is om de Goden van de landbouw en zakenwereld goed te stemmen.

  • Sushi is eigenlijk geen gerecht in de zin van het woord maar meer een snack.
  • Misosoep is een typisch Japanse soep (miso shiru), die in feite een wezenlijk onderdeel van het Japanse leven is. De soep bestaat uit tofu, niboshi (kleine gedroogde sardientjes), katsuoboshi (stukjes bonito, een tonijnachtige vis) en wasabi (de Japanse mierikswortel). Soep wordt niet als voorgerecht gegeten maar tijdens de hele maaltijd.
  • Sashimi is rauwe vis, bijv. zeebrasem, zeebaars, tonijn of zalm, die in plakjes van ongeveer 1 cm dik gesneden worden uit de schoongemaakte en gefileerde vis. Het wordt meestal gegeten vlak voor of als eerste gerecht van een maaltijd zodat de fijne smaak nog geheel tot zijn recht komt. De plakjes worden in de sojasaus met wasabi gedipt en dan gegeten.
  • Tempura is waarschijnlijk oorspronkelijk Portugees (Portugezen zaten al vanaf half 16e eeuw in Japan) maar is nu een typisch Japanse gerecht.
    Kleine stukjes groente en vis worden in deeg gedompeld en daarna gefrituurd. De bekendste zijn de grote garnalen. Als men van vis houdt is dit zeker de moeite waard. In de betere restaurants worden de tempura vlak voor het opdienen of in het bijzijn van de klant gefrituurd.
  • Sukiyaki
    Ook vleesgerechten zijn niet origineel Japans. Men at in Japan geen vlees, maar deEuropeanen en vooral later de Amerikanen brachten dit naar Japan.
    Sukiyaki is een eenpans vleesgerecht en bestaat, naast allerlei groenten, uit flinterdunne plakjes biefstuk. Diverse fijn gesneden groenten, tofu en het vlees worden in een koekenpan op een vuur op de tafel klaargemaakt. In de koekenpan ontstaat door de groenten, vlees en sauzen een overheerlijk mengsel. Men maakt steeds kleine porties en in de betere (en duurdere) restaurants komt iemand de sukiyaki aan tafel klaarmaken en bedient steeds de klanten.
  • Shabu-shabu
    Ook dit is een vleesgerecht met de flinterdunne plakjes biefstuk en groenten. Nu wordt alles in een pan met water zachtjes gekookt waardoor een bouillon ontstaat. Tijdens dit koken hoort men een zacht geluid dat men omschrijft als shabu-shabu. De groenten en vlees worden uit de boulillon gevist en met sauzen en rijst gegeten. Na afloop kan de ontstane bouillon als soep worden gegeten.
  • Teriyaki
    Dit valt in de categorie yakimono ofwel gebraden gerechten. Vlees (meestal rundvlees maar dat is wel duur in Japan) wordt gebraden en dan voorzien van speciale teriyakisaus.
  • Wagyu (Wagyu) is het beroemde vlees, ook wel Kobe-beef genoemd, dat wordt geleverd door een paar Japanse runderrassen. Het is een zeer smakelijke maar ook zeer dure vleessoort. Het vlees is zeer sterk gemarmerd door de fijne vetverdeling en heeft daardoor een witte waas. Het merendeel van het vet bestaat uit meervoudig onverzadigd vetzuren en is dus goed voor hart en bloedvaten. De fijne vetverdeling wordt o.m. bereikt door massage met speciale massagehandschoen en in een bepaalde periode krijgen de koeien ook bier te drinken. Ook al omdat er in Japan weinig ruimte is vee te kunnen laten grazen, komen veel van deze koeien nauwelijks de stal uit en hebben ze weinig beweging. Dit zorgt weer voor weinig spieropbouw. Op de juiste wijze bereid behoort dit tot een van lekkerste vleesgerechten. Een kilo kost ruim ? 400. Wa-gyu betekent Japans rundvlees.
  • Yakitori
    Kleine stukjes kip worden op een pen of bamboestokje geregen en boven een houtskoolvuur gegrild. Dit wordt dan gegeten met een yakitori saus. In Nederland zijn al verschillende yakitori restaurants.
  • Noedels
    Japan heeft een traditie op het gebied van noedels, bamie-achtige slierten, die afhankelijk van de gebruikte ingredienten verschillend genoemd worden. De bekendste zijn: soba, udonen ramen. Een schotel heeft de betreffende noedel als basis en daaraan kan men andere ingredienten toevoegen. Ook bij het eten van noedels mag geluid gemaakt worden.
    Soba bestaat uit lange dunne vermicellie-achtige slierten die gemaakt zijn van boekwijt en zijn bruin van kleur. Er zijn verschillende recepten die gebruik maken van soba.
    Udon is een noedel van tarwe, dikker dan de soba en wit van kleur. Ook hier bestaan allerlei varianten van. Een bekende is de Kitsune Udon, met gefrituurde sojabonen en shichimi, een poeder met 7 verschillende specerijen.
    Ramen is een van de meest populaire schotels in Japan. Het bestaat uit Chinese noedels in kippenbouillon met sojasaus en miso (gefermenteerde sojabonenpasta).
  • Fugu (Kogelvis of Blow Fish)
    Tot de duidelijk niet dagelijkse maar (voor sommigen) intrigerende kost, behoort de Japanse Fugu. Dit is een bolvormige vis die o.a. in de wateren rond Japan kan worden gevangen. De bijzonderheid van deze vis is z’n grote giftigheid. Het gif (tetrodotoxine) is ruim 3000 keer zo verdovend als morfine. Het gif komt in deze vis voor in de lever, nieren en eierstokken en om de vis te consumeren kan hij alleen in bepaalde restaurants gegeten worden en mag alleen door hiervoor gediplomeerde koks worden schoongemaakt. Tijdens het schoonmaken mag het mes geen giftige onderdelen aanraken en de giftige organen worden op een speciale manier opgeruimd. Ondanks dat alleen gediplomeerde koks dit mogen doen, vallen er jaarlijks toch enkele slachtoffers in Japan. Waarom eet men dit? Volgens de restaurants omdat dit het heerlijkste is dat er bestaat. Volgens anderen is het meer de sensatie en de mythe er omheen en zou de smaak opzich niet zo bijzonder zijn.

1 Reactie

  1. marjoleintjevanhetpleintje

    7 september 2005 at 13:10

    Met plezier gelezen dit artikel.
    Ik neem hem mee naar mijn paag.
    Marjolein.

Geef een reactie