Algemene aanwijzingen bij maaltijdbereiding

Waarop moet je letten bij het voorbereiden en bereiden van een maaltijd. Artikel uit ‘Stof genoeg’, richtlijnen voor schoonmaakwerzaamheden, textiel- en maaltijdverzorging in de thuiszorg. (NIZW) Maaltijdbereiding bestaat uit drie onderdelen. Het voorbereiden en bereiden van de maaltijd en natuurlijk de nazorg. Maaltijdvoorbereiding is onder meer het klaarzetten van kookgerei, het schillen, snijden, raspen en wassen van groenten, fruit en aardappels en het voorbereiden van vlees, zoals het draaien van gehaktballen, marineren, paneren van schnitsel of karbonade.
Onder maaltijdbereiding wordt ondermeer verstaan het koken, bakken, stomen, grillen en frituren van voedsel. De nazorg is het afwassen, opruimen en terugkijken.-Was eerste de handen met water en zeep.
– Houd rauw vlees gescheiden van andere voedingsmiddelen, was messen en planken direct na contact met rauw vlees af.
– Zet vlees-, vis- en melkproducten die niet direct gebruikt worden in de koelkast. (Bacterieen vermenigvuldigen zich optimaal bij een temperatuur tussen de 10 en 40 graden. Zorg ervoor dat vlees en visproducten afgedekt worden weggezet. Leg vlees dat in een plasticzakje is verpakt op een bord. Vooral wanneer het bevroren is, zitten ook in het dooivocht vaak bacterieen.
– Was de handen na contact met rauw vlees; droog de handen af met keukenrol dat je direct daarna weggooit. Zo voorkom je besmetting van keukendoek of werkdoek met bacterieen van het vlees.
– Ruim afval direct op en houd vliegen en andere insecten uit de buurt van het voedsel.
– Houd materialen en werkvlakken die in aanraking met voedsel komen goed schoon.
– Houd rauwe en klaargemaakte producten steeds gescheiden.
– Verwijder de pitten uit aardappels, ze bevatten een giftige stof.
– Was groenten zorgvuldig zodat zand an mogelijke beestjes zijn verwijderd.
– Schil het fruit of was de schil onder de kraan.
– Om te voorkomen dat appels, peren en bananen na het schillen bruin worden, kun je er na het schillen wat citroensap over doen.
– Zet voorbereide groenten weg in een pan met deksel en doe er zoveel water bij dat ze net onder staan.
– Zet salades afgedekt weg in de koelkast; doe er nog geen dressing overheen, daar wordt de sla zacht van.- Verhit vleesproducten snel door en door, bijna geen enkele bacterie overleeft een temperatuur van 80 graden C.
– Het eten van (gedeeltelijk) rauwe vleesproducten is af te raden voor mensen met verminderde weerstand, zoals ouderen, zwangere vrouwen en jonge kinderen. (Bijv. tartaar, biefstuk, fricandeau, rosbief. Zorg ervoor dat hun vlees goed doorbakken is.
– Rauwe eieren kunnen wegens mogelijke salmonellabesmetting ook beter niet worden gegeten door mensen met verminderde weerstand. Rauwe eieren worden verwerkt in zelfgemaakte mayonaise en toetjes zoals bavarois.
– Lees bij het bereiden en voorbereiden de aanwijzingen op de verpakking. (Bijv. hoe lang moet het vleesproduct braden.)
– Gebruik geen metalen kookgerei in pannen met een anti-aanbaklaag. Dit veroorzaakt beschadigingen van de anti-aanbaklaag.
– Gebruik geen metalen voorwerpen (pannen, aluminiumfolie, borden met een goudrandje, springvormen) in de magnetron; de meeste magnetrons kunnen daar niet tegen. (Bij magnetronoven geldt dit zowel voor de magnetronstand als voor de eventuele gecombineerde stand.)

1 Reactie

  1. leuk!Neem ik mee!

Geef een reactie