Blunderen met tafelmanieren, nu niet meer.

door: Ludo Hugaerts, Culinaire Ambiance

Enkele handige tips om de tafel juist te dekken en nooit meer te zondigen tegen de goede tafelmanieren!


Het eeuwige dilemma: u komt aan een gedekte tafel en zowel links als rechts van uw plaats ziet u een schaaltje met een broodje. Onthoud de regel: het broodje aan uw linkerkant is dat van u.
Van uw broodje brokkelt u stukjes met de hand, nooit snijden!

Zeker niet in uw hemd of kraag vaststeken, maar altijd onzichtbaar op uw schoot laten liggen. U gebruikt het alleen om nu en dan discreet de mond af te vegen. Na de maaltijd – of als u de tafel even moet verlaten – legt u het losjes naast het bord, niet op de stoel.

Glazen plaatst u altijd rechts achter het bord. Wijnglazen horen van rechts naar links te staan in de volgorde waarin ze bij de maaltijd zullen worden gebruikt. Het glas voor water staat uiterst links of achter de wijnglazen.

Altijd van buiten naar binnen, dus naar het bord toe, in de volgorde waarin we ze bij de maaltijd nodig zullen hebben. Messen en lepels liggen rechts, vorken links van het bord. Het tafelzilver voor het dessert mag u vlak naast of boven het bord leggen; in dat laatste geval legt u ze van boven naar beneden in de volgorde waarin de gasten ze gaan gebruiken. Fruitbestek komt pas op tafel met de daarvoor bestemde bordjes.

Borden met gerechten worden aan de linkerkant naast de gast opgediend. Soep daarentegen wordt van rechts af geserveerd. Het afruimen en het inschenken van wijn gebeurt altijd aan de rechterkant.
In het restaurant vraagt de ober wie de wijn zal proeven. Thuis hebt u in deze geImancipeerde tijd de keuze: als de gastheer de wijn ontkurkt, zal hij hem voorproeven en vervolgens de glazen vullen. Daarna is het aan de gastvrouw om als het eerste het glas te heffen. Het mag echter ook net andersom.

GSM’s, draadloze telefoons, semafoons en laptops kunnen aan tafel bijzonder storend zijn. In heel wat betere restaurants wordt de klanten trouwens gevraagd ze niet mee in de eetruimte te nemen. Kunt u toch niet zonder, leg uw elektronische navelstreng dan zeker niet op tafel tussen de borden maar houd hem discreet in een binnenzak, handtas of heupgordel. Moet u bellen of wordt u opgebeld, sta dan, na een woord van verontschuldiging, meteen op van de tafel en ga uw elektronisch ding discreet in de hal of de zithoek doen.

Appels en peren
Neem de vrucht vast met de linkerhand, snijd ze in vieren met het fruitmesje, schil de partjes en eet ze dan uit het vuistje.

Asperges
Grote asperges prikt u een na een aan hun onderkant aan een vork, u schuift dan met de linkerhand een tweede vork onder de asperge en u brengt hem zo naar de mond. Korte asperges kunt u met een enkele vork opprikken. Als er bij het gerecht kleine servetjes en een vingerkommetje worden geserveerd, dan wikkelt u met uw rechterhand het uiteinde van elke asperge (kort of lang) in een servetje en eet u de groente uit het vuistje, waarbij u wel een vork in de linkerhand als steun kunt gebruiken.

Gevogelte
Neen, wat u ook al mag gehoord hebben, het is en blijft niet erg netjes om bouten in de hand te nemen en af te kluiven. Gebruik dus mes en vork, ook al betekent dit dat u wat vlees aan de botjes moet laten.

IJs
Weersta aan de verleiding en laat het laatste restje gesmolten ijs in het glas of de coupe. Dus niet schuin houden om de laatste inhoud uit te lepelen (of, erger nog, uit te drinken). Zie ook bij soep.

Kreeft en langoustines
De grote scharen breekt u met een speciaal tangetje (een soort van notenkraker) en die haalt u vervolgens leeg met een kreeftenvorkje. De dunne pootjes en scharen daarentegen mag u gewoon met de vingers afbreken en uitzuigen. Een vingerkommetje is hier onontbeerlijk.

Oesters
Nooit uitslurpen! Neem de oester in de ene hand en wrik de zeevrucht in de schaal los met vorkje. Laat de inhoud zachtjes en zonder slurpgeluid in de mond glijden en dep uw vingers schoon in het vingerkommetje.

Pasta
Altijd met lepel en vork, nooit een mes gebruiken. Alleen brede pastavormen (lasagne, cannelloni) of gegratineerde pastagerechten eten we met vork, mes en lepel.

Perziken
Eerst doormidden snijden met een fruitmesje, dan de pit eruit wippen en vervolgens elke helft op een vork prikken en met de andere hand pellen met behulp van het mesje. De gepelde helften tot slot met mes en vork of uit de hand opeten.

Sinaasappels
Eerst snijdt u met het fruitmesje een kapje van de schil, vervolgens maakt u kruiselings op vier plaatsen een insnijding in de schil van boven naar beneden. Trek de vier stukken schil er af met het mesje of met de hand. Tot slot eet u de partjes uit het vuistje.

Soep
Nooit koud blazen, natuurlijk, gewoon laten afkoelen. En op het laatst houden we het bord niet schuin, maar laten we het bodempje in het bord.

6 Reacties

  1. neem je artikel mee hoor,handig om achter de hand te hebben.
    dank je !
    groetjes Sonja

  2. Hoe, eet ik dat? Het spijt me maar ik eet pasta toch alleen met een vork. Dat doe ik omdat in Italie, het pastaland bij uitstek, ze je vreemd aankijken als je pasta met vork en lepel eet!!!

  3. Zijn er dan nog personen die dit niet weten?
    En barza op de wallen zijn klanten in een restaurant zijn het gasten.

  4. Dit is een handig artikel. Ik neem het mee.

    groeten,
    Nicky

  5. Wijn word normaal door de somelier gekeurt op kurksmaak en zuurheid, wijn word door de klant gekozen en moet daardoor niet meer worden geproeft, wijn word in de winkels geproeft en in de verkooppunten van wijn maar nooit op restaurant

  6. Altijd handig om te weten!

Geef een reactie