Afgelopen week kwam ik meerdere malen het woord bruschetta of bruschettakruiden tegen in een context die niet helemaal klopt. Hier een uitleg over wat een bruschetta nu echt is. In Italie eet men verschillende gangen: antipasto (borrelhapje), primo (pasta, rijst of soep), secondo (vlees of vis) en dolce (taart, pudding etc). Een bruschetta wordt gegeten als antipasto, dus als een soort borrelhapje. Het gaat hier om een plak brood in de oven geroosterd belegd met verschillende dingen.



De meest traditionele en simpele bruschetta is bestreken met een teentje knoflook en een scheutje extra vergine olijfolie erover. Een andere klassieke bruschetta is de bruschetta al pomodoro, oftewel een bruschetta met tomaat-basilicum salade.



Eigenlijk zijn alle soorten hartig beleg mogelijk op de bruschetta, het lekkerst zijn de wat smeuigere belegsoorten aangezien het brood vrij hard geroosterd is. Drogere belegsoorten, zoals parmezaanse kaas, kan je smeuig maken door er een beetje extra vergine olijfolie over te doen.