1. Home
  2. Artikelen
  3. Limburgs Volkslied

Limburgs Volkslied

Natuurlijk hoort op deze pagina de tekst van ons aller Limburgs volkslied. Mooi dat onze Belgisch Limburgse buren ook dit volkslied hebben. Verbroedering ten top. Leve 1 Groot-Limburg.






De bovenste vlag is de Nederlands Limburgse vlag (het geel moet eigenlijk eigeel zijn)en de onderste is de Belgisch Limburgse vlag.

Nederlandse tekst.

Waar in 't bronsgroen eikenhout,
't Nachtegaaltje zingt;
Over 't malse korenveld,
't Lied des leeuweriks klinkt;
Waar de hoorn des herders schalt,
Langs des beekjes boord;

refrein:
Daar is mijn Vaderland,
Limburgs dierbaar oord!
Daar is mijn Vaderland,
Limburgs dierbaar oord!

Waar de brede stroom der Maas,
Statig zeewaarts vloeit;
Weeldrig sappig veldgewas,
Kostlijk groeit en bloeit;
Bloemengaard en beemd en bos,
Overheerlijk gloort.

Waar der vaadren schone taal,
Klinkt met heldre kracht;
Waar men kloek en fier van aard,
Vreemde praal veracht;
Eigen zeden, eigen schoon,
't Hart des volks bekoort.

Waar aan 't Oud Oranjehuis,
't Volk blijft hou en trouw;
Met ons roemrijk Nederland,
Een in vreugd en trouw;
Trouw aan plicht en trouw aan God,
Heerst van Zuid tot Noord.


Limburgse tekst (dialect onbekend)

In 't bronsgroen eikehout
nachtegaal dae zungt
Euver 't groete koreveld
Leeuwerik zie leedje brinkt
Woe de herdershoren klinkt
Langs beekskes door

Limburg mie vaderland
Doa is woe iech woen
Limburg mie vaderland
Joa doa is 't sjoen

Kiek de Maas en ouch de Roer
Struime daag en nach
Aaf en toew treje ze oet
Dat is haor stille krach
Eendjes zwumme op en aaf
snaterend in koerTekstdichter: Gerard Krekelberg (1864-1937)

Componist: Henri Thijssen (1862-1926)

Ontstaan op 31 januari 1909

Het Limburgse volkslied was aanvankelijk bedoeld als een romantische ode op de provincie Nederlands-Limburg.
Voor de oorsprong ervan moeten we naar Roermond. Het Limburgse volkslied werd er geschreven door de Nederlandse onderwijzer Gerard Krekelberg (1864-1937). Hij schreef de tekst waarschijnlijk op verzoek van Hendrik Thyssen (1862-1926), dirigent van het Roermonds Mannenkoor, die het lied in 1909 voor het eerst uitvoerde.
Het bronsgroen eikenhout waarover Gerard Krekelberg dichtte waren de (ondertussen verdwenen) eikenbomen rond het kasteel Borgitter in Kessenich. Dit kasteel ligt op de boord van de Itterbeek op de grens met de dorpskom van het Nederlandse Neeritter. Gerard Krekelberg was geboren in Neeritter. De gemeente Hunsel, waarin Neeritter is opgenomen, noemde het dorpsplein naar zijn "beroemde" zoon het "Krekelbergplein". Zijn geboortehuis staat er nog. Volgens sommige bronnen werd derde strofe niet door Gerard Krekelberg gedicht, maar werd ze achteraf door iemand ander erbij "gelapt". Die "Geus" in de laatste regel moet trouwens "God" zijn.
Het lied werd spoedig populair, zowel in Nederlands- als in Belgisch-Limburg en geldt tegenwoordig als "volkslied" van beide Limburgen.

Reacties (5)

Bekijk alle reacties Ophalen reacties ... Bekijk minder reacties
Leuk artikel? Deel het
Laatste vragen
Laatst beantwoorde vragen
Meest bekeken
Top