Een kerstsprookje.
De eerste brak af en verdween met een vonkende staart achter het dressoir. De tweede lukte beter: met een trillende hand ontstak ze de eerste kaars.
Haar gedachten gingen dertig jaar terug. Haar man stapte de achterdeur binnen, zijn haar witbestoven met sneeuwvlokken, met knalrode wangen. Hij sleepte een grote kerstboom mee die een spoor van modder en dennennaalden op haar pasgedweilde keukenvloertje achterliet. Haar lieve, sterke man. Ze voelde zijn ijskoude handen weer op haar wangen, zijn krachtige omhelzing, ze rook zijn lichaamsgeur. Ja, ze mopperde even. Maar wel met een glimlach. Ze dronken eerst een glaasje en daarna werd de boom in de standaard gezet. Die avond aten ze erwtensoep en brood met spek en bij de koffie namen ze een flink stuk koek. Ze wist nog dat ze de was had binnengehaald, stijfbevroren, ze kon zijn broeken zo neerzetten en daar moesten ze vreselijk om lachen.
Johan was een vriendelijke dood gestorven. ?s Ochtends lag hij uitgestrekt in bed, een kleine glimlach op zijn witter dan witte gezicht, net zo wit als het laken waar hij onder lag, het laken wat ze die ochtend nog om de matras had gevouwen.
Julia schuifelde naar de keuken. Op een elektrisch pitje stond haar ketel te fluiten. Die rotpit had haar ooit een flinke brandwond bezorgd toen ze nietsvermoedend even steunde op de gloeiendhete kookplaat. Haar gasfornuis was altijd duidelijk zichtbaar aan of uit en ze kon zichzelf wel voor haar hoofd slaan dat ze de omwille van de lieve vrede de kinderen gelijk had gegeven. Ze pakte haar keteltje bij zijn verschroeide oor en goot water in de theepot. Even de pot ronddraaien, leeggieten en lekkere darjeeling er in. Opnieuw kokend water erbij. De weg terug ging iets trager. Ze hoorde haar dochter al zeggen: ?Gebruik die rollator dan, waarom moet je nu zo moeilijk doen!? Dat sufkarretje stond stof te vergaren in de schuur. Julia had alle tijd van de wereld en was trots op haar nog altijd stabiele benen.
De woonkamer was inmiddels schemerig geworden en Julia ontstak nog een kaars. In de halfduistere kamer vonkte en spetterde de lucifer en ze dacht aan haar jongste dochter. Emma. Dwarse Emma. Knalrode kroeskop, hippiejurken en altijd zo?n muffe parfum. Emma was een nakomertje. Julia was 45 toen haar vijfde spruit al voor de geboorte met een gedempt geschreeuw liet horen dat ze in aantocht was. Een driftig en eigenzinnig vrouwtje wat haar zo dierbaar was. Een jaar na de dood van Johan moest ze van Emma komen eten met de kerst. Die gekke Emma had een echte kerstboom in haar kraakpandje staan en ze had voor de gelegenheid van een overbodige deur een heuse eettafel in elkaar geknutseld. Het kerstdiner was geweldig, natuurlijk vegetarisch want bij Emma kwam er geen beest op tafel. Linzen, noten, buitenissige paddestoelen en verrukkelijk brood, vreemde sausjes en rare groentes, gevolgd door heerlijke kaasjes.
Emma had in die tijd een zwak voor zoet. Koffie met bittere chocolade en allerlei koekjes, een schaal met slagroom, bananen en ander fruit, eiwitschuim, gesmolten chocolade en stroperige caramel. Warme chocoladesaus en walnootlikeur.
Een van haar disgenoten had haar een verwarrend verhaal verteld over karma, yoga en zelfbestemming. Op dat moment nam ze net een hap vol honing, geroosterde walnoten, room en zachtzoetzuur fruit en ze voelde zich even intens gelukkig.
Emma dook op een zomernacht in een ondiepe vijver en brak haar nek.
De laatste kaars wilde niet goed branden. Hij sputterde even en knetterde even en was weer uit. . Zonder aarzelen streek ze haar laatste lucifer af en deze keer bleef de kaars branden. Ze glimlachte en zag haar laatste kerst weer voor zich.
Eric haalde haar op omdat zijn busje zo?n makkelijke instap had. Isa had de rollator, dat verschrikkelijke sufkarretje, al klaar staan. Het werd dit jaar weer gourmetten omdat Anna met haar rijbewijs en de keukengordijnen bezig was. Erwin lag half op de bank, toeterzat en klaar voor een flinke familieruzie. Anna en Isa spraken tijdens de afwas af dat ze nooit meer onverwachts bij elkaar zouden binnenvallen en Eric belde zijn geregistreerde partner om te melden dat hij eerder thuis zou zijn. Julia was die avond erg blij dat het weer voorbij was en dacht weer aan haar moeder, hoe boos ze was, de eerste keer dat ze bij Julia langskwam. De linnenkast was niet in orde. De keuken was ronduit treurig. Johan was het allerergste, een boer van een vent die een eenvoudige moeder haar dochter afnam. Johan vond het prachtig dat zijn schoonmoeder een onverwoestbare, fanatieke dwarsligger was.
Julia?s moeder stierf op een stormachtige nacht na een beroerte.
De woonkamer werd warmer en lichter. Julia strekte haar stramme benen en nam een slokje thee. Ze sloot haar ogen en zag haar Johan weer binnenkomen met Emma aan zijn hand, gevolgd door haar moeder. Johan keek halfernstig, Emma streek een krul uit haar ogen en gluurde naar de oven waar een cake stond af te koelen. Strakjes zou Julia de cake met een satehprikker doorboren en volgieten met een mengsel van hete suiker/kaneelstroop en walnootlikeur. Dat was voor haar moeder. Voor Johan stond er een warme bisschopswijn klaar, extra pittig door het gembersap en de calvados. En Emma?s favoriete walnotenhoningkransjes hingen al in de boom.
?Zo. Ben je daar eindelijk?? Haar moeder zoende haar op beide wangen en hield haar even stevig vast. Emma omhelsde haar, snoot haar neus.
Johan had tranen in zijn ogen en kneep haar zowat fijn. Ze keek eens kritisch naar zijn trui en slikte haar kritiek in omdat ze zich veel te gelukkig voelde.
De volgende dag vonden Eric, Isa, Erwin en Anna het verstijfde lichaam van Julia. Ze was gestikt. Rook. De brand was begonnen achter het dressoir en was weer snel gedoofd. Een schrale troost: Julia zag er zo gelukkig uit, ze was vast in de hemel.
Wil je reageren ? Meld je dan gratis aan en profiteer van vele voordelen of log in.
Het is alweer meer dan een jaar geleden dat ik in de krant een enthousiast geschreven verhaal las over de start van “Buitengewoon in het land”. … Lees verder »
Monsanto, ‘s werelds grootste promotor van genetisch gemodificeerde levensmiddelen, lijkt tegenstrijdig bezig te zijn. In de eigen personeelskantine zijn genetisch gemodificeerde … Lees verder »
In bloed uit de navelstreng van pasgeborenen bevinden zich gemiddeld 147 lichaamsvreemde chemicalien die het kind bereikten via de bloedbaan die het met zijn / … Lees verder »